Loonbelasting

Auto van de zaak (bijtelling)

Bijgewerkt op 12 september 2026

De kernregels, controlepunten en bronnen voor dit onderwerp.

Voor een ook voor privédoeleinden ter beschikking gestelde auto wordt het voordeel forfaitair op jaarbasis bijgeteld op het loon, met een verlaagd percentage voor emissievrije auto's binnen een cap. Bijtelling blijft achterwege bij overtuigend bewijs (zoals een sluitende rittenregistratie) dat op jaarbasis niet meer dan 500 kilometer privé is gereden.

Kernregels

ElementWaardeGrondslag
Standaardforfait (auto niet meer dan 16 jaar oud)22% van de waarde van de autoart. 13bis lid 1 onderdeel a Wet LB 1964
Hoog forfait (auto meer dan 16 jaar oud)35% van de waarde van de autoart. 13bis lid 1 onderdeel b Wet LB 1964
Verlaging emissievrije auto (0 g/km CO2)4% van de waarde; cap € 1.200 (2026; € 1.800 in 2024, € 1.500 in 2025)art. 13bis lid 2 Wet LB 1964
Drempel "blijken" geen privégebruikniet meer dan 500 km privé per kalenderjaarart. 13bis lid 1 en lid 3 Wet LB 1964
Overgangstermijn bij wijziging CO2-grens of percentage60 maanden vanaf eerste toelatingart. 13bis lid 18 Wet LB 1964

(wettekst geldend per 2026)

Controleer in je dossier

  • Bij bestelauto's telt of alle vier de cumulatieve voorwaarden voor het privégebruikverbod zijn nageleefd; het ontbreken van één voorwaarde doet de uitzondering in zijn geheel vervallen, ook als de overige drie wel zijn voldaan.
  • De twee verklaringsroutes lopen parallel maar zijn niet identiek in wie bij intrekking of onjuistheid wordt nageheven: bij de verklaring geen privégebruik is dat in beginsel de werknemer, tenzij de inhoudingsplichtige wist van de onjuistheid (lid 11); bij de verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto geldt hetzelfde uitgangspunt, met een aanvullende uitzondering als de inhoudingsplichtige een noodzakelijke intrekking niet meldde (lid 15).
  • Het overgangsrecht van lid 18 bevriest voor een specifieke auto 60 maanden lang het regime van de datum van eerste toelating; de bijtelling van die auto loopt dus niet automatisch mee met de cap die voor nieuwe auto's in het lopende jaar geldt.
  • Bij een lopend geschil over de rittenregistratie gaat het om de bijzondere maatstaf "blijken" uit lid 1 en lid 3 zelf, naast de algemene regels over omkering en verzwaring van de bewijslast in de AWR; een afwijzing of intrekking van een verklaring is een voor bezwaar en beroep vatbare beschikking waarna naheffing kan volgen.
  • Bij een auto die aan een directeur-grootaandeelhouder ter beschikking wordt gesteld, raakt de bijtelling ook de discussie over het gebruikelijk loon; wil de werkgever autokosten via de vrije ruimte onderbrengen, dan raakt dat de werkkostenregeling.

Uitzondering: geen bijtelling bij beperkt privégebruik

De wet gaat uit van een vermoeden: een auto wordt in beginsel geacht ook voor privédoeleinden ter beschikking te zijn gesteld. Dat vermoeden wordt weerlegd als blijkt, een zwaardere maatstaf dan aannemelijk maken, dat op kalenderjaarbasis niet meer dan 500 kilometer privé is gereden, bijvoorbeeld met een sluitende rittenregistratie of anderszins bewijs (lid 1 en lid 3). Daarnaast vallen twee categorieën bestelauto's buiten de regeling (lid 5 onderdeel a): auto's die door aard of inrichting nagenoeg uitsluitend geschikt zijn voor goederenvervoer, en bestelauto's met een privégebruikverbod dat aan vier cumulatieve voorwaarden voldoet: het verbod is schriftelijk vastgelegd, de vastlegging wordt bij de loonadministratie bewaard, de werkgever houdt voldoende toezicht op de naleving en legt bij overtreding een passende sanctie op.

Bronnen

Gerelateerde thema's

Verder zoeken in de kennisbank

Zoek op wetsartikel, uitspraak of onderwerp. AI-chat is een aparte betaalde functie en vereist een opgeslagen kaart.

Deze themapagina is algemene informatie, geen advies.