Inkomstenbelasting

Totaalwinst en goed koopmansgebruik

Bijgewerkt op 12 september 2026

De kernregels, controlepunten en bronnen voor dit onderwerp.

De totaalwinst omvat alle voordelen die uit onderneming worden verkregen; de verdeling daarvan over de jaren (jaarwinst) volgt goed koopmansgebruik, met als kernbeginselen realiteit, voorzichtigheid en eenvoud. Deze winstbegrippen gelden via de schakelbepaling ook voor de vennootschapsbelasting en bepalen onder meer waardering, voorzieningen en winstneming.

Kernregels

ElementWaardeGrondslag
Kwijtscheldingswinstvrijstelling: drempel te verrekenen verliezenboven € 1.000.000 geldt een afwijkende, ruimere vrijstellingart. 8 lid 4 Wet Vpb 1969
Landbouwvrijstelling: waardeveranderingen landbouwgrond bij voortgezette agrarische aanwendingblijven buiten de winst, ook als een andere waarderingsmethode op zichzelf onder goed koopmansgebruik verdedigbaar zou zijnart. 3.12 Wet IB 2001
Effectiviteitsbandbreedte bij samenhangende waardering van hedge-instrumenten80% tot 125%art. 3.25 Wet IB 2001
Uitsluiting kwijtscheldingswinstvrijstelling binnen een fiscale eenheidin beginsel uitgesloten, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat het voordeel ook buiten de fiscale eenheid niet tot de winst van de schuldenaar zou hebben behoordart. 15ac lid 2 Wet Vpb 1969

(wettekst geldend per 2026)

Controleer in je dossier

  • Bij waarderingsvraagstukken speelt steeds de vraag of een op zichzelf onder goed koopmansgebruik verdedigbare methode niet in strijd komt met een specifieke vrijstelling of bijzondere winstbepaling, zoals de landbouwvrijstelling of de kwijtscheldingswinstregeling van art. 8 lid 4 Wet Vpb 1969.
  • Een eenmaal gekozen bestendige gedragslijn ligt vast totdat goed koopmansgebruik zelf een wijziging rechtvaardigt; een louter fiscaal gewenste uitkomst is daarvoor onvoldoende grond, en de wet geeft geen aparte procedure of termijn waarbinnen een wijziging moet worden gemeld.
  • De vormvrijheid van art. 3.8 Wet IB 2001 werkt twee kanten op: zij kan een civielrechtelijk niet als winst vormgegeven voordeel, zoals een uittreedgeld bij een coöperatie, alsnog in de heffing brengen, terwijl diezelfde vormvrijheid geen ruimte biedt om winstneming via de ruilarresten uit te stellen buiten de gevallen waarvoor die arresten zijn bedoeld.
  • Bij samenloop van meerdere winstbepalende regelingen in hetzelfde jaar kan de volgorde van toepassing bepalend zijn voor de uitkomst: de renteaftrekbeperking van art. 15b Wet Vpb 1969 wordt toegepast ná de kwijtscheldingswinstvrijstelling van art. 3.13 lid 1 onderdeel a Wet IB 2001 (KG:213:2024:4).
  • Bij staking of overdracht van een onderneming blijft de totaalwinstgedachte bepalend voor het moment en de waarde waartegen een voordeel in de heffing wordt betrokken.

Bronnen

Gerelateerde thema's

Verder zoeken in de kennisbank

Zoek op wetsartikel, uitspraak of onderwerp. AI-chat is een aparte betaalde functie en vereist een opgeslagen kaart.

Deze themapagina is algemene informatie, geen advies.