Overdrachtsbelasting
Overdrachtsbelasting: verkrijging en tarief
Bijgewerkt op 12 september 2026
De kernregels, controlepunten en bronnen voor dit onderwerp.
Overdrachtsbelasting wordt geheven over de verkrijging van de juridische of economische eigendom van in Nederland gelegen onroerende zaken, naar de waarde in het economische verkeer. Het algemene tarief geldt voor onder meer bedrijfsvastgoed en beleggingswoningen; voor de eigen woning als hoofdverblijf geldt een verlaagd tarief en voor jonge starters een eenmalige vrijstelling.
Kernregels
| Element | Waarde | Grondslag |
|---|---|---|
| Algemeen tarief (niet-woningen) | 10,4% | art. 14 lid 1 WBR |
| Woningtarief zonder hoofdverblijfverklaring (bijv. beleggingswoning, tweede woning) | 8% | art. 14 lid 2 WBR |
| Verlaagd tarief eigen woning als hoofdverblijf | 2% | art. 14 lid 3 WBR |
| Tarief bij buiten toepassing blijven samenloopvrijstelling (art. 15 lid 11 WBR) | 4% | art. 14 lid 8 WBR |
| Startersvrijstelling (natuurlijk persoon jonger dan 35 jaar, hoofdverblijf, waardegrens) | 0% tot € 555.000 (2026, jaarlijks geïndexeerd) | art. 15 lid 1 onderdeel p WBR |
| Doorverkooptermijn voor vermindering grondslag bij herverkrijging | 6 maanden | art. 13 lid 1 WBR |
(wettekst geldend per 2026)
Controleer in je dossier
- Bij functiewijziging van een pand blijft of ontstaat de woonbestemming afhankelijk van de vraag of slechts beperkte aanpassingen nodig zijn om het weer bewoonbaar te maken.
- Bij verkrijging van een kavel met gedeeltelijke bebouwing telt de civielrechtelijke eigendomsverhouding, niet de kadastrale kavelgrens.
- Overschrijding van de waardegrens van de startersvrijstelling leidt niet tot een gedeeltelijke vrijstelling, maar tot het volle hoofdverblijftarief van 2% over de gehele verkrijging.
- De doorverkoopregeling van art. 13 WBR werkt alleen binnen zes maanden na de vorige verkrijging; net daarbuiten ontstaat alsnog cumulatie van heffingen.
- Aandelen in een onroerendezaakrechtspersoon vallen niet onder het 2%-hoofdverblijftarief (art. 14 lid 6 WBR); zien zij middellijk of onmiddellijk op een woning, dan geldt sinds 2026 wel het 8%-woningtarief van art. 14 lid 2 WBR in plaats van het algemene tarief.
Bronnen
- Art. 14 WBR
- Art. 2 WBR
- ECLI:NL:GHARL:2024:3651: ECLI:NL:GHARL:2024:3651, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 28-05-2024, 23/106 en 23/107
- ECLI:NL:GHARL:2024:3652: ECLI:NL:GHARL:2024:3652, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 28-05-2024, 23/108 en 23/109
- Besluit BWBR0045104: Overdrachtsbelasting, belastbaar feit
- Kamerstuk 36602 nr. 41: Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2025); Nota van wijziging; Tweede Nota van wijziging
Gerelateerde thema's
Verder zoeken in de kennisbank
Zoek op wetsartikel, uitspraak of onderwerp. AI-chat is een aparte betaalde functie en vereist een opgeslagen kaart.
Deze themapagina is algemene informatie, geen advies.