Btw

Aftrek van voorbelasting

Bijgewerkt op 12 september 2026

De kernregels, controlepunten en bronnen voor dit onderwerp.

De ondernemer brengt de btw op aan hem verrichte prestaties in aftrek voor zover hij deze gebruikt voor belaste handelingen. Bij gemengd gebruik wordt de aftrek gesplitst (pro rata of werkelijk gebruik) en kan herziening in latere jaren volgen; een correcte factuur is voorwaarde voor aftrek.

Kernregels

ElementWaardeGrondslag
Herzieningsperiode onroerende zaken10 boekjaren (incl. jaar van ingebruikneming), 1/10e per jaarart. 15 lid 6 Wet OB 1968 jo. Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968
Herzieningsperiode roerende zaken (afschrijfbaar) en investeringsdiensten vanaf € 30.0005 boekjaren (incl. jaar van ingebruikneming), 1/5e per jaarart. 15 lid 6 Wet OB 1968 jo. Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968
Uitsluiting horeca-voorbelasting (spijzen/dranken ter plaatse aan kortverblijvende gasten)uitgesloten, tenzij doorberekend aan een ondernemer die de dienst doorverkooptart. 15 lid 5 Wet OB 1968

(wettekst geldend per 2026)

Controleer in je dossier

  • Het factuurvereiste geldt cumulatief naast, niet in plaats van, het bestemmingsvereiste voor de onderdelen a en b van art. 15 lid 1 Wet OB 1968; voor invoer en enkele verleggingssituaties (onderdeel c) en voor nieuwe vervoermiddelen (onderdeel d) telt alleen het gebruik.
  • Bij gemengd gebruik gaat het onderscheid tussen directe kosten en algemene kosten vooraf aan de vraag welke verdeelsleutel op de algemene kosten wordt toegepast (ECLI:NL:GHAMS:2020:2367).
  • De omzet-pro-rata is de hoofdregel; de werkelijk-gebruikmethode geldt alleen voor alle gemengd gebruikte goederen en diensten gezamenlijk, niet gesplitst per kostencategorie (ECLI:NL:HR:2021:645), en het bewijs daarvan moet alle kosten van alle groepsvennootschappen omvatten (ECLI:NL:HR:2022:1608).
  • Bij investeringsgoederen is het tijdstip van ingebruikname bepalend voor de eerste correctie; een niet tijdig uitgeoefend aftrekrecht biedt geen automatisch herstel via latere herziening (ECLI:EU:C:2022:535).
  • Bij vastgoedtransacties kan de aftrekpositie van de koper via art. 20 AWR leiden tot een naheffing bij de verkoper, ook al ligt de oorzaak bij het latere gebruik door de koper (ECLI:NL:HR:2022:301).
  • Voor horecabedrijven is de voorbelasting op spijzen en dranken die ter plaatse aan kortverblijvende gasten worden verstrekt uitgesloten van aftrek, tenzij die belasting wordt doorberekend aan een ondernemer die de dienst vervolgens onder bezwarende titel aan een ander verricht.

Bronnen

Gerelateerde thema's

Verder zoeken in de kennisbank

Zoek op wetsartikel, uitspraak of onderwerp. AI-chat is een aparte betaalde functie en vereist een opgeslagen kaart.

Deze themapagina is algemene informatie, geen advies.